zondag 7 maart 2021

Corine Nijenhuis - Waddenwolf

We kunnen het ons nu nauwelijks voorstellen: de Waddenzee ingepolderd. Toch is dat iets wat een wonder mag heten. Meerdere keren zijn er plannen voor gemaakt en voor bijna allemaal geldt dat het daarbij is gebleven. Behalve bij het plan van Jonkheer Pieter Jan Willem Teding van Berkhout (1825-1895). Hij is daadwerkelijk begonnen aan de voorbereidingen van de inpoldering van de Waddenzee tussen Ameland en de Friese kust. Het is niet zo vreemd dat daar weinig over bekend is. En als Corine Nijenhuis zich er niet in had vast gebeten, dan zou het verder de vergetelheid zijn ingegleden. Maar in deze aansprekende historische roman staan alle feiten op een rij en krijgen we er een geromantiseerd beeld van de bedenker van dit alles bij.

Corine Nijenhuis (1965) oogstte in 2015 veel lof met haar buitengewone biografie Een vrouw van staal over het 100-jarige binnenvaartschip dat zij in 2007 kocht om er een woonboot van te maken. Het ontrafelen van een geschiedenis beviel haar en dus ging ze voor haar volgende boek op zoek naar een onderwerp, dat de nodige research met zich mee zou kunnen brengen. Het moest gaan over een groots, mislukt project uit het verleden, dat vergeten is, maar dat wel degelijk van grote invloed had kunnen zijn als het wel gelukt was. En zo kwam ze bij het Waddenproject van de Jonkheer terecht.

Het wordt een hele zoektocht naar informatie over het project, maar uiteindelijk lukt het de nodige documenten en alle feiten boven water te krijgen. Toch is het daarmee niet klaar: de persoon van Jonkheer Mr. P.J.W Teding van Berkhout moet de feiten aanvullen om tot een compleet verhaal te komen. En dat lijkt bijna onmogelijk: er is heel weinig over zijn persoon bekend. Zelfs bij zijn nazaten. Maar voor iemand die cum laude afstudeerde aan de Schrijversvakschool is het een welkome uitdaging. De Waddenwolf zal een historische roman worden, waarin de feiten en de fantasie beide een rol spelen. Dankzij de vrijheid die dat geeft, is de Waddenwolf een prettig leesbaar stukje geschiedenis geworden.

Als oudste in het gezin wordt van Pieter Jan verwacht dat hij rechten studeert en de toekomstige beheerder van de havezate Hoenlo, en het daarbij behorende landgoed in Olst, zal worden. Zijn jongere broer heeft meer keuzevrijheid en wil waterstaatsingenieur worden. Een vakgebied waarin ook Pieter Jan geïnteresseerd is. Zijn moeder is erg op haar positie en de bijbehorende status gesteld, ze verwacht dat Pieter Jan zich aan de conventies en verplichtingen van zijn adellijke afkomst houdt. Zijn vader geeft daar minder om en is meer ingenomen met de successen van zijn jongere broer. Tussen de broers botert het niet. De plannen van Pieter Jan worden in de familie dan ook bepaald niet omarmd.

De familieverhoudingen zijn niet erg affectief en maken van de jonkheer een eenzame strijder. Want hij bijt zich vast in zijn plannen voor een dam van Ameland naar de Friese kust waarbij hij rekent op een geleidelijke aanslibbing door vruchtbaar slik. Als het genoeg aangeslibd is, kan er omdijkt worden. Hij trekt geldschieters aan, probeert de Provinciale Staten van Friesland en de Staat te interesseren. Het kost allemaal heel veel moeite, geld en tijd. Uiteindelijk kan er begonnen worden. Hij gaat op Ameland wonen in een armoedige bouwkeet om dichter bij de mensen en het werk te zijn. 

Maar het zit niet mee: hij moet vechten tegen de Staat en de Waterwolf, zoals de eilanders en de kustbewoners in Friesland zeggen als een zware zeestorm de kusten en dus ook zijn dam belaagt. Of dat nog niet genoeg is, beleeft de huishoudster van de pastoor een Mariaverschijning met een noodlottige voorspelling over de dam. Pieter Jan wordt gezien als de kwade genius: de Waddenwolf.

Ondanks de taaie materie over de realisering van de dam (geldstromen, ambtelijke tegenwerking en de werkzaamheden zelf) en vooraf de wetenschap dat het zal mislukken, blijft het een boeiend verhaal. De tijdgeest van de 19de eeuw komt goed uit de verf en de (verzonnen) persoonlijkheid van de jonkheer maakt er een geloofwaardig verhaal van. Je moet wel over heel veel wilskracht beschikken om zo volhardend je plannen ten uitvoer te willen brengen. De geschetste persoonlijkheid sluit goed aan bij een citaat uit een schrijven van Pieter Jan Willem Teding van Berkhout zelf:

“Mijn leven is veelal geweest een leven vol teleurstelling. Van jarenlange moeitevolle arbeid en inspanning die tot geen resultaat heeft geleid, zoodat mijn vermogen, in plaats van toegenomen te zijn, daarentegen is verminderd. Veel heeft daartoe bijgedragen, de jarenlange kosteloze deelneming aan de belangen der Maatschappij tot landaanwinning op de Friesche Wadden, welke onderneming ik steeds als eene volkomen goede onderneming heb beschouwd en nog beschouw, maar waarvoor het nodige kapitaal tot uitvoering niet te verkrijgen was.

Ik hoop dat het mijne nagedachtenis niet te zeer zal benadelen. In deze heb ik slechts het goede gewild.” – Pieter Jan Willem Teding van Berkhout – Deventer, januari 1889

In een interview naar aanleiding van het boek staat meer over wat de schrijfster over zijn leven heeft kunnen vinden. Je leest het  HIER

Corine Nijenhuis - Waddenwolf: de opzienbarende geschiedenis van een jonkheer die de Waddenzee wilde droogleggen. Amsterdam, Brandt, 2020. Pb, 358 pg. ISBN:978-94-93095-37-3.

© Jannie Trouwborst, maart 2021.

maandag 15 februari 2021

Karin Amatmoekrim - De man van veel

Bijna elk volk heeft een eigen taal en een lange voorgeschiedenis. In die taal worden het spiritueel gedachtegoed en de culturele tradities aan het nageslacht doorgegeven. Net als de verhalen over de bijzondere daden van (al dan niet mythische) helden. Het is een rijk bezit, waarop voortgebouwd kan worden. 

 Een volk van veel 

In Suriname ligt dat anders. Een steeds kleiner wordende groep oorspronkelijke bewoners (de inheemse indianen) leeft een teruggetrokken bestaan in het oerwoud. Ze vormen een minderheid en de vraag is hoelang dit volk nog vast kan houden aan hun eigenheid.

Alle andere bevolkingsgroepen in Suriname komen uit alle delen van de wereld, al dan niet vrijwillig: Europeanen als plantage-eigenaren en zendelingen,  Afrikanen als slaven, Aziaten uit India en voormalig Nederlands-Indië als contractarbeiders. Om onderling te communiceren werd Nederlands de standaardtaal en dat is het nog steeds. Daarnaast is het Papiamento ontstaan als onderlinge spreektaal. Zo bezien bestaat het nieuwe Surinaamse volk pas zo'n 350 jaar.  Afgesneden van culturele wortels is het moeilijk om vast te houden aan de eigen taal en het oorspronkelijke gedachtegoed uit het geboorteland. Zeker als het Nederlandse onderwijs meer op Nederland dan op de eigen bevolking is gericht. (In voormalig Nederlands-Indië speelde dit minder: ondanks de kolonisatie veranderden de inlandse talen niet en kon men na vertrek van de Nederlanders weer terugkeren naar de eigen taal en tradities.) 

De man van veel 

Een jong volk heeft nieuwe helden nodig. En die zijn er ook. Dat is wat de oma van Anton de Kom hem duidelijk maakt, als hij haar enthousiast vertelt over de grote helden: Michiel de Ruyter, Hugo de Groot, Piet Hein en Willem de Zwijger. “Dat  zijn Hollandse helden, maar wij hebben ze ook. Het zijn de slaven die geloofden in de vrijheid en dat met een afschuwelijke dood moesten bekopen.”  Het maakt indruk op de kleine jongen. Het is de aanloop naar een leven in dienst van de onderdrukten.

De Kom maakte in Nederland naam als mensenrechtenactivist en sprak zich uit tegen het kolonialisme en tegen de uitbuiting van contractarbeiders in Suriname en Nederlands-Indië. Zijn ideeën werden als staatsgevaarlijk beschouwd en tijdens een bezoek aan Suriname werd hij lange tijd zonder protest gevangen gezet. Nadat bij een bloedig neergeslagen protest van arbeiders tegen zijn gevangenschap doden en gewonden vielen, werd hij verbannen naar Nederland. De crisis en zijn roemruchte verleden brachten hem in grote financiële problemen, omdat hij geen werk meer vond en nauwelijks kon zorgen voor eten voor zijn vrouw en vier kinderen. In de winter van 1939 werd hij zwaar overspannen gedwongen opgenomen.

Karin Amatmoekrim heeft de feiten uit het leven van de Surinaamse Anton de Kom (1898-1945) verwerkt in een roman. Een hele geloofwaardige en aangrijpende roman, waarin het beschreven onrecht je af en toe bij de keel grijpt. Zowel het onrecht dat Anton de Kom wilde bestrijden als dat wat hemzelf overkwam en dat hem tenslotte in een gesloten psychiatrische inrichting deed belanden. 

De roman

De roman is zo geconstrueerd dat we zowel het ziekteverloop, als de gebeurtenissen daarvoor in het leven van Anton de Kom meemaken.  Een slaapkuur met angstaanjagende dromen, gesprekken met de psychiater, zijn behoefte weer te schrijven, zijn herinneringen. Alles tezamen vertelt het verhaal van een gedreven man, die alles gaf voor het lot van onderdrukten en de strijd tegen onrecht. Het boek eindigt met zijn thuiskomst in maart 1940, maar in de epiloog laat Karin Amatmoekrim ons nog weten dat bij het uitbreken van de oorlog Anton zich aansluit bij het verzet. In augustus 1944 wordt hij opgepakt en hij overlijdt eind april 1945 in een concentratiekamp.

Heldendom: het zet je wel aan het denken dankzij deze roman. Willem de Zwijger was een held, omdat hij het gezag van de Spaanse koning niet langer aanvaarde en vrijheid van godsdienst bevocht, maar ook een zelfstandige Republiek der Nederlanden wist te grondvesten. Anton de Kom die de kolonisatie veroordeelde en de vrijheidsstrijd in Suriname en Nederlands-Indië steunde, was staatsgevaarlijk. Andere tijden? Misschien. Maar ieder weldenkend mens dat terugkijkt, kan alleen maar concluderen dat het zo niet had gemoeten. 

De geschiedenis van Suriname 

Het is niet verwonderlijk dat de Bezige Bij heeft besloten Karin Amatmoerkrim te vragen over de geschiedenis van Suriname te schrijven. Het boek "Suriname. Een geschiedenis" zal gepubliceerd worden in 2023. Het zal gebaseerd zijn op zeldzaam archief materiaal, maar vooral ook op honderden interviews die ze zal afnemen met Surinamers uit alle lagen van de bevolking. Hun verhalen zal Amatmoekrim in haar grote geschiedenis integreren. Het wordt een meeslepende geschiedenis, bekeken vanuit een internationaal perspectief, doch steeds verteld vanuit de Surinamers zelf.

Ik ben benieuwd naar de nieuwe helden die we daar nog tegen gaan komen.

Karin Amatmoekrim - De man van veel. Amsterdam, Prometheus, 2021. Voorw. Astrid H. Roemer. Geb., 3de druk,  272 pg., ISBN: 9789044647556

© Jannie Trouwborst - februari 2021 

donderdag 11 februari 2021

Julia Wouters - De ZIJkant van de macht

Januari 2021. De politieke partijen lopen zich warm voor de verkiezingen op 17 maart. De kandidatenlijsten voor de Tweede Kamer worden vastgesteld. Wat opvalt, is het record aantal vrouwelijke lijsttrekkers. Ook staan er meer vrouwen op verkiesbare plaatsen dan er nu in de Kamer zitten. Zou er dan eindelijk een barst komen in het bolwerk van vooral witte mannen in wat een afspiegeling van onze bevolking zou moeten zijn? Want dat we er nog lang niet zijn, moge duidelijk zijn. En niet alleen vrouwen zijn er ondervertegenwoordigd.

Julia Wouters (1968) kent de Nederlandse politiek door en door. Zij is politicoloog en was elf jaar lang de rechterhand van Lodewijk Asscher als zijn politiek adviseur en speechschrijver. Daarvoor werkte ze als journalist en als parlementair verslaggever bij verschillende actualiteitenprogramma’s. De ondertitel van haar boek De Zijkant van de macht luidt: Waarom de politiek te belangrijk is om aan mannen over te laten. Deze quote komt van Els Borst (Minister van Volksgezondheid in de kabinetten Kok I en Kok II. In het laatstgenoemde kabinet was ze tevens tweede vicepremier.). Twee andere toepasselijke quotes die ze als motto hanteert, zijn: Ik heb het nog nooit gedaan, dus ik denk dat ik het wel kan (Pippi Langkous) en Je gaat het pas zien als je het door hebt (Johan Cruijff).

Want wat is de reden, volgens Wouters, dat er in onze politiek naar verhouding zo weinig vrouwen actief zijn? Dat in de kabinetten van de laatste jaren steeds minder vrouwen benoemd worden? Dat er op dit moment zelfs minder vrouwen in de Tweede Kamer zitten dan een aantal jaar geleden, dat ook in de gemeenteraden het aantal vrouwen aan het afnemen is? Ligt dat aan de mannen die nu nog de dienst uitmaken of zouden ook de vrouwen zelf stappen moeten zetten? Maar hoe dan en wat zijn de belemmeringen?

In een heldere analyse, vol herkenbare anekdotes, schets ze een compleet beeld van de huidige status quo en geeft ze adviezen hoe daar verandering in gebracht zou kunnen worden. Waarbij de quotes van Pippi Langkous en Johan Cruijff een belangrijke rol spelen.

Ze begint haar boek met de geschiedenis van vrouwen in de politiek. Het is goed om eens op een rijtje te hebben welke rol vrouwen gespeeld hebben bij het verkrijgen van het algemeen kiesrecht (ook voor mannen zonder een hoog inkomen!) en om zelf gekozen te kunnen worden in de Tweede Kamer. De eerste en tweede feministische golf geven hoop. Maar daarna stokt het, er is zelfs sprake van een terugloop van de deelname van vrouwen in de politiek. Dat vrouwen daar belangrijke dingen kunnen doen, laat ze met voorbeelden uit het verleden zien in het volgende hoofdstuk: Vrouwenzaken vragen om vrouwelijke politici.

In de daarop volgende hoofdstukken komen alle mogelijke redenen en oorzaken aan bod die ervoor zorgen dat het moeilijk is, maar ook soms gewoon angstaanjagend lijkt, om je als vrouw in de politiek te kunnen manifesteren. Elk hoofdstuk vat in aparte kaders de tips en aandachtspunten nog eens samen. Allereerst is er het vechten tegen alledaags seksisme en hardnekkige vooroordelen. Hoe het te herkennen en te ontdekken hoe daar mee om te gaan. Dan het weerleggen van de bewering van Rutte dat zijn kabinet weinig vrouwen bevat omdat ze niet te vinden zouden zijn. Hij heeft niet goed genoeg gezocht, stelt Wouters, maar, geeft ze toe, het ligt er ook aan hoe je vrouwen benadert. 

Zoals uit meerdere hoofdstukken blijkt, zijn er grote verschillen tussen het gedrag en de reacties van mannen en van vrouwen. Waar een man bijvoorbeeld vrij snel toestemt om aan een kabinet deel te nemen, heeft een vrouw meer tijd nodig. Omdat haar overwegingen anders zijn. Allerlei aspecten die daarbij een rol spelen behandelt ze in de hoofdstukken over de slangenkuil die de politiek kan zijn, geen excuustruus willen zijn, sisterhood en de krabbenmand,  mediaolgica en machisma, tranen en emoties, uiterlijkheden en onheuse bejegening, de eventuele kinderen, domineren (je niet laten wegdrukken en je laten gelden waar nodig). 

Er is werk aan de winkel voor vrouwen die de politiek in willen. De anekdotes waarmee Wouters dat illustreert zeggen genoeg. Maar het kan wel. En ze zijn hard nodig. Niet om tegenover de mannen geplaatst te worden, maar om het evenwicht te herstellen in de besluitvorming. Waarbij een vrouwelijke inbreng noodzakelijk is. In het slothoofdstuk: Met man en macht zet ze nog eens uiteen wat mannen kunnen doen om het voor vrouwen mogelijk te maken om prettig samen te kunnen werken voor de publieke zaak. Ze zijn zich vaak niet eens bewust van de vooroordelen waarmee ze naar vrouwen in de politiek kijken en hen de maat nemen. Al zijn er gelukkig genoeg die open staan voor verandering. Ook zij krijgen het woord.

Een vlot geschreven en prettig leesbaar boek, waarin veel bekende politici (vrouwen èn mannen) hun zegje doen en sprekende voorbeelden geven bij het betoog. Met verrassende inzichten en praktische tips om de samenwerking tussen mannen en vrouwen in de politiek tot een succes te maken.

Julia Wouters - De zijkant van de macht. Waarom de politiek te belangrijk is om het aan mannen over te laten. Amsterdam, Balans, 2019 Tweede dr., 272 pg., met lit. opg. ISBN:978-94-600-3881-5.

©Jannie Trouwborst, februari 2021.

maandag 18 januari 2021

Chris de Stoop - Het boek Daniel

In Vlaanderen is Chris de Stoop (1958) bekender als succesvol auteur en journalist dan hier in Nederland. Sinds 1992 schrijft hij literaire non-fictie over veelal sociaal-maatschappelijke ontwikkelingen en problemen. In Nederland kwam zijn doorbraak met het succes van en de prijzen voor Dit is mijn hof. Het is het verhaal over het verdwijnen van het traditionele boerenbedrijf in Vlaanderen, aan de hand van de ervaringen van zijn eigen ouders en familie. Dat het boek zo aansloeg in Nederland is gekomen door de ontpolderingsperikelen in de Hedwigepolder in Zeeuws-Vlaanderen, waar dezelfde problemen speelden.

Met Het boek Daniel bouwt hij hier min of meer op voort. Ook hier ligt een persoonlijk verhaal ten grondslag aan een verhaal waarin het verdwijnende boerenleven een grote rol speelt. De manier waarop de feiten over de dood van Oom Daniel verteld worden is bijzonder. Door de spanningsopbouw en de stijl mag het met recht literaire non-fictie genoemd worden.

Oom Daniel

Chris de Stoop kent zijn Oom Daniel niet zo goed. Hij woont ver weg in Wallonië in een vierkantshoeve, zoals wij die ook nog wel in Limburg kennen. Hij leeft er alleen: na het verzorgen van zijn ouders en gehandicapte broer tot aan hun overlijden had hij graag willen trouwen, maar dat zat niet mee. Hij trekt zich terug op zijn hoeve, met enkele koeien, kippen en wat akkers rondom. Contacten met de rest van het dorp heeft hij nauwelijks. Hij komt er één keer per week om wat boodschappen te halen. Vlak voor sluitingstijd, op verzoek van de supermarkteigenaar, om de andere klanten niet af te schrikken: hij ziet er te onverzorgd uit.

Op een avond brandt zijn hoeve af en Oom Daniel komt schijnbaar om in de vlammenzee. Maar in het dorp zijn opeens jongeren die zich dure spullen kunnen veroorloven, er worden stoere verhalen verteld. Wat is er gebeurd?

Rechtspraak in België

De vijf jongeren worden opgepakt en verhoord. Er wordt een uitgebreid onderzoek uitgevoerd en alles wordt vastgelegd in een flinke stapel papier. Dat Chris deze dossiers te lezen krijgt, heeft te maken met de manier waarop de Belgische rechtspraak functioneert. De verdenking van moord betekent dat het proces gevoerd zal worden bij het Hof van Assisen (een rechtbank voor de ernstigste misdaden), waarbij een publieksjury een bindende uitspraak zal doen. Naast wat wij de officier van justitie zouden noemen, is er daarbij nog sprake van een burgerlijke partij: de benadeelde of zijn erfgenamen. De familie vraagt Chris de Stoop of hij die taak op zich wil nemen. En zonder te beseffen wat hij zich daarmee op de hals haalt, stemt hij toe.

Het begint ermee, dat hij inzage krijg in het volledige dossier. Ondanks de aanvankelijke schrik vanwege de omvang, blijkt het een geschikte bron om meer te weten te komen over deze eigenzinnige oom en de achtergronden en motieven van de daders. Dat alles te samen vormt de basis van Het boek Daniel.

Schrijver en journalist

Voor de journalist gelden in de eerste plaats de feiten en achtergronden, voor de schrijver het goed vertellen van een verhaal. Dat dat heel goed samen gaat, bewijst Chris de Stoop in dit boek opnieuw. Hij wisselt de ontrafelde gebeurtenissen die tot de dood van Oom Daniel geleid hebben af met de gesprekken en gebeurtenissen rond de rechtsprocedure. Voor de rechtszitting spreekt hij met iedereen die hem meer kan vertellen over zijn eenzelvige oom. Hij leert hem steeds beter kennen. Erna met onder andere een psycholoog en enkele van de daders. 

En al weten we van te voren dat Oom Daniel het niet zal overleven, het blijft een spannend verhaal. Al is voelbaar dat hij te doen heeft met zijn oom, dat hij verontwaardigd is over wat er met hem gebeurde en hoopt dat er recht gedaan zal worden aan wat hem overkwam, slaagt hij er toch in het verhaal zo neutraal mogelijk te reconstrueren. En achteraf het journalistieke verhaal compleet te maken door te proberen om te doorgronden wat deze jongemannen dreef tot deze daad.

Een aangrijpend verteld en waargebeurd verhaal dat nog lang nawerkt in je hoofd. Want wat moet je bijvoorbeeld met de conclusie van de gerechtspsycholoog?

"Je hebt dus drie partijen die elkaar versterken,"besluit de gerechtspsycholoog. "De samenleving die mensen uitsluit. De jongeren die geen plek vinden in de maatschappij. En het slachtoffer dat zichzelf buiten de gemeenschap plaatst. Elk van die drie heeft bijgedragen tot dit drama."

"Bedoelt u dat Oom Daniel medeverantwoordelijk is?"

En dan zegt de psycholoog iets wat me bevreemdt: "Hij heeft ook zichzelf ontmenselijkt. Hij heeft voor sociale zelfmoord gekozen."

Zijn lijden was er niet minder om.

Chris de Stoop - Het boek Daniel. Amsterdam, De Bezige Bij, 2020. Geb. 254 pg., isbn:978-94-031-0271-9

© Jannie Trouwborst, januari 2021.