woensdag 26 oktober 2016

Lidewijde Paris - Hoe lees ik?

Kort na "Olijven moet je leren lezen" (over moderne poëzie lezen) van Ellen Deckwitz (KLIK HIER) verscheen Hoe lees ik? van Lidewijde Paris (over het lezen van moderne literatuur). Aanvankelijk twijfelde ik of ik het aan zou moeten schaffen. Ik heb al behoorlijk wat studieboeken op dat gebied. In de poëzie is veel veranderd de laatste 20 jaar. Het was dus niet meer dan logisch dat ik zou proberen mij de veranderende inzichten eigen te maken. Met proza leek dat minder noodzakelijk. Maar ik ben toch blij dat ik me door de enthousiaste verhalen van anderen heb laten overtuigen dat ook dit boek tot de standaarduitrusting van een enthousiaste en gemotiveerde lezer behoort. Naast het opfrissen van oude kennis leerde ik nieuwe begrippen kennen en zag ik prachtige voorbeelden voorbij komen. Het is me nog niet eerder gebeurd dat ik een studieboek maar moeilijk weg kon leggen: een aantrekkelijk citaat of kort verhaal lezen en tegelijkertijd bezig zijn met speuren naar de aangekaarte termen. Wat een fantastisch boek om te lezen!

Had ik dat maar eerder gehad! Hoezo? Een aantal jaren geleden heb ik voor een 55+ welzijnsorganisatie een cursus gegeven in: Hoe kun je met je leesclub meer uit een boek halen? Eigenlijk ging het om hetzelfde principe. Ik gebruikte daarbij voor de cursisten het boek Lezen en leesclubs van Inge Drewes en schreef het grootste deel van het lesmateriaal zelf. Dat was erg veel werk en ook het zoeken van bijpassende titels viel niet mee. Een jaar lang kwam alles stapje voor stapje aan bod. In elk volgend te lezen boek moest er meer benoemd worden: thema en motieven, perspectief en verteller, enz. Tot men aan het eind van de cursus het hele boek kon analyseren. Met daarbij de raad dat voortaan toch maar niet al te rigoureus te doen en zo een boek kapot te analyseren, maar vooral te letten op wat in dat speciale boek  opviel en het bijzonder maakte. In het daarop volgende jaar besprak elk van de leden zelfstandig een boek, rekening houdend met het geleerde.

Deze cursisten wisten waar ze aan begonnen. En de meesten vonden het heerlijk om zo meer houvast te hebben bij het bespreken van een tekst. Sommigen zaten al in een leesclub en hebben hun kennis daar verder verspreid. Met enkele andere cursisten hebben we een eigen leesclubje opgericht. Na vier jaar ben ik er mee gestopt. Ik vond het dankbaar, maar te intensief werk, ik bleef voor hen toch "de juffrouw". En ik wilde graag zelf weer aan lezen toekomen.

Dat ik destijds aan het lesgeven begonnen ben, is voortgekomen uit de teleurstelling die ikzelf ondervond toen ik om mensen te leren kennen in een voor mij nieuwe omgeving, me aanmeldde bij een regionale leesclub die Nederlandse literatuur besprak. Met stijgende verbazing moest ik constateren dat het vooral om het thema van het boek ging. Morele en politieke standpunten of gewoon persoonlijke verhalen of ideeën daarover kwamen uitgebreid aan bod. Als ik aan de beurt was om een boek te bespreken probeerde ik wel iets over het "onbetrouwbare perspectief" of het "gebruik van metaforen" te zeggen, maar dat werd én niet begrepen én niet gewaardeerd. Men las boeken om over de inhoud te discussiëren. Niets mis mee natuurlijk, als iedereen zich daar wel bij voelt. Maar voor mij was dat niet genoeg. Als de persoonlijke klik er dan ook nog eens niet is, dan is het snel over.

Als ik nu het succes zie van "Hoe lees ik?" ben ik dolgelukkig. Ik gun het mensen zó meer van literatuur te kunnen genieten, zo ingewikkeld is het niet, dat toont Lidewijde Paris wel aan. Maar mijn poëtica (zoals L.P. zegt) houdt in dat een boek pas goed is, als het ook zonder speciale kennis (literaire termen, context, diepere lagen, ect.) fijn is om te lezen. 

Want lezen moet in de eerste plaats plezierig zijn. Soms lees ik een boek daarom ook tweemaal: één keer om van het verhaal te genieten en één keer om te proberen te ontdekken hoe een schrijver het opgebouwd heeft en wat hij er allemaal in gestopt heeft. Voor mij is dat tweemaal genieten, maar als een ander genoeg heeft aan de eerste keer, dan is dat uiteraard ook goed.

Dus Lidewijde Paris: Dank je wel! Ik weet zeker dat je veel lezers op een nieuw en verslavend spoor hebt gezet. En mij weer wakker geschud. Want als je lang geen klankbord hebt gehad, dan word je gemakzuchtig.....

Lidewijde Paris - Hoe lees ik? Amsterdam,, Nieuw Amsterdam, 2016. Pb., 286 pg., met lit. opg. ISBN:978-90-468-2108-4.

© JannieTr, oktober 2016.

Ik lees Nederlands 37/35.

7 opmerkingen:

  1. Wat een enthousiaste recensie! Het lijkt me ook wel iets voor mij, misschien kan ik het zelfs nog in mijn lessen gebruiken...

    BeantwoordenVerwijderen
    Reacties
    1. Dat denk ik zeker! Er staan ook nog eens zulke mooie voorbeelden in.

      Verwijderen
  2. Leuk om jouw ervaringen te lezen! Misschien moet ik de meiden van mijn boekenclub ook aansporen dit te lezen...

    BeantwoordenVerwijderen
    Reacties
    1. Het boek van Lidewijde is zo toegankelijk geschreven en van zulke leuke voorbeelden voorzien, dat alleen het lezen ervan al een plezier is. Ze hoeven niet alles in een keer te onthouden. Op de cursus liet ik ze ook oefenen met één ding tegelijk. En als ze dat te pakken hadden, weer één. Zo kregen ze er steeds meer schik in. Ik zou het proberen, als ik jou was.

      Verwijderen
  3. Wat een leuke enthousiaste recensie. Volgens mij moet er in een goede leesclub inderdaad ruimte zijn voor inhoud en vorm. Soms is het moeilijk om de begrippen die mij zo eigen zijn als literatuurwetenschapper op een simpele manier uit te leggen... daar heb ik dan misschien toch dit boek bij nodig. Zou leuk zijn als alle #leestweeps het zouden lezen ;)

    BeantwoordenVerwijderen
  4. Ik heb al een aantal keer met dit boek in mijn handen gestaan, maar uiteindelijk liet ik het iedere keer toch liggen in de boekhandel. Jouw lovende recensie heeft me nu dan toch overtuigd om dit boek te kopen ;)

    BeantwoordenVerwijderen
    Reacties
    1. En daar krijg je geen spijt van, zeker weten!

      Verwijderen