maandag 19 december 2016

Jan van Mersbergen - De ruiter

Hij leidt een bende die de halve stad terroriseert, die het geweld niet schuwt, die meisjes als inwisselbaar ziet. Maar toch voelt het meisje zich tot hem aangetrokken. Waarom vertrouwt ze die jongen blindelings, waarom negeert ze de goedbedoelde raad van haar vader? Als het gevaar groter wordt, brengt hij haar naar haar grootvader, die buiten de stad op het platteland woont. Na het verlies van zijn vrouw trok hij zich terug in de polder om ruimte te zoeken, maar rust vond hij niet. De natuur blijft hem confronteren met wat hij achter zich had willen laten: leven en dood liggen ook hier op het platteland dicht bij elkaar.
Met het noodgedwongen verblijf van zijn kleindochter botsen niet alleen twee generaties, maar ook heden en verleden, stad en land, mens en natuur. De enige verbindende factor is het oude paard in het weiland. Aan hem kan de grootvader zijn gemis toevertrouwen, aan hem kan de kleindochter haar onzekerheden kwijt. Maar het luisterend oor van het paard, dat de kloof tussen man en meisje lijkt te kunnen verkleinen, kan de harde werkelijkheid niet buitensluiten.


Wanneer dieren prominent optreden in verhalen krijgen ze dikwijls menselijke trekjes en gedachten toebedeeld. Niets van dat alles in De Ruiter van Jan van Mersbergen. Vanaf de eerste bladzijde ligt het perspectief bij het oude paard en dat blijft ook zo. Hij beziet de beide andere hoofdrolspelers, de grootvader en het meisje, maar ook de bijfiguren, op een geheel eigen wijze. 

Voelen en aanvoelen spelen daarbij een belangrijke rol. Wanneer iemand het paard aanraakt, voelt het de emoties, gedachten, gebeurtenissen uit heden en verleden aan en verwoordt die voor de lezer. Maar niet volledig: het paard trekt geen conclusies, dat mag de lezer zelf doen. Die kan alleen maar vermoeden wat er speelt, wat er wellicht staat te gebeuren. Dat voert de spanning op en maakt dat je door wilt lezen.
Ook de andere zintuigen spelen een rol. Het paard luistert naar wat hem toevertrouwd wordt zonder te oordelen. Hij ziet alles: de dieren van de duisternis, het gekrioel van de kleine beestjes in het gras onder zijn voeten en de schimmen op het nachtelijke erf. Hij ruikt angst en gevaar. Maar ook de geuren die hem herinneren aan zijn jonge jaren: van de merries in de manege.

Zelfs wie niet veel met paarden te maken heeft, ziet een echt paard voor zich door de manier waarop de auteur het gedrag met veel gevoel uiterst nauwkeurig en uitgebreid beschrijft. Gecombineerd met de gedachten van het paard zelf zijn zijn reacties op menselijke acties vanzelfsprekend en begrijpelijk. Dit voelt niet als geen kunstgreep, hier denkt en handelt een dier dat uiterst gevoelig is, maar wel steeds een echt paard blijft. Om je zo in het wezen van een dier te kunnen verplaatsen moet je als auteur zelf ook over een groot invoelingsvermogen beschikken!

De sympathie voor het paard, het meisje en de grootvader groeit naarmate het verhaal vordert. De onzekerheid over een goede afloop ook. Jan van Mersbergen heeft je het verhaal ingesleept en laat je niet meer los voor je het al dan niet bittere einde bereikt hebt....

De ruiter is de achtste roman van Jan van Mersbergen (Gorinchem, 1971). Voor zijn eerdere werk werd hij bekroond met onder andere de BNG Nieuwe Literatuurprijs (Naar de overkant van de nacht, 2011) en de F. Bordewijkprijs (De laatste ontsnapping, 2014). Zijn romans verschijnen in vele vertalingen en twee ervan worden verfilmd.


Jan van Mersbergen - De Ruiter. Amsterdam, Cossee, 2016. Pb., 249 pg. ISBN:978-90-5936-665-7.

© Jannie Trouwborst, december 2016.

Ik lees Nederlands 47/35.

Met dank aan de auteur voor het recensie-exemplaar.

Geen opmerkingen:

Een reactie plaatsen